Over deze site

1814 - 1869

Een werkdefinitie voor de aanduiding 'krant' voor de periode 1814-1869 is:

  • een journalistiek geredigeerde, periodiek verschijnende, gedrukte uitgave;
  • een actuele inhoud, bestaande uit een mix van nieuwsberichten en opiniërende bijdragen op politiek, maatschappelijk, economisch, cultureel en godsdienstig gebied;
  • verschijnt minstens twee keer per week na een eventuele aanloopperiode als weekblad.

Contemporaine aanduidingen, ook in de titelkop van kranten en tijdschriften, geven geen houvast om vast te stellen of een 'courant', een 'avondblad', een 'avondbode' of een 'journal' als dagblad (minstens zes keer per week verschijnend), als nieuwsblad (tussen de twee en de vijf keer per week verschijnend) of als weekblad (wekelijks verschijnend) van de pers komt. Met de voorgestelde begripsomschrijving wordt zowel het dagblad als het nieuwsblad recht gedaan. Impliciet wordt erin vastgesteld dat veel kranten weekblad waren en bleven. Is dit het geval, dan ligt het voor de hand ze (voorlopig) buiten de selectie te laten.

De ontwikkeling van de pers

De periode na de Bataafs-Franse Tijd wordt gekenmerkt door de opkomst van 'journaux d'opinions': kranten waarin berichtgeving wordt gecombineerd met commentaren, opiniërende bijdragen, ingezonden brieven ('mijnheer de redacteur') en -vanaf 1814- besprekingen van boeken. Niet onbelangrijk is ook de opkomst van de rubriek 'mengelwerk' waartegen soms verzet rees. De Leydsche Courant begon er op 2 januari 1824 als eerste krant mee. Op het gebied van advertenties deed zich een nog onvoldoende bestudeerde ontwikkeling voor, die tot uitdrukking kwam in een langzame toename van de diversiteit aan advertenties. Door de belasting die van iedere advertentie werd geheven, was er echter vanuit deze deelmarkt nog geen sprake van een essentiële bijdrage aan de inkomsten van de uitgever. De oplagecijfers stonden door het dagbladzegel eveneens onder druk. Het lezerspubliek kan echter door het systeem van samen lezen en het huren van de krant met een factor tot tien worden vermenigvuldigd. Als selectiecriterium is het oplagecijfer echter niet alleenzaligmakend.

Politieke functie

De opiniërende kranten vervulden een belangrijke functie voor het politieke klimaat in een periode waarin nog geen sprake was van politieke partijen. De aarzelende beginnende opiniejournalistiek van de tijd na 1813 vormden als het ware de opmaat voor het ontstaan van politieke stromingen die aan het ontstaan van politieke partijen vooraf gingen. De als 'redenerende' kranten aangeduide persorganen bevorderden de verscheidenheid aan opinievorming in de maatschappelijke elite. De toenemende betekenis van kranten voor het culturele leven blijkt duidelijk uit de opkomst van de literaire kritiek vanaf 1814. Hoewel men het op grond van de titel niet zou verwachten was het Algemeen Nederlandsch Nieuws- en Advertentie-blad (1818-1831) een van de eerste kranten die zich aan literaire kritiek waagde.

Belgische Opstand en Revolutiejaar 1848

De periode van 1813 tot 1869 kent twee 'breukvlakken' namelijk het begin van de Belgische Opstand in 1830 en het Europese 'revolutiejaar' 1848. Binnen een periode van ruim een halve eeuw was dus sprake van een zekere dynamiek op het gebied van de pers, ook al moet men daarbij andere maatstaven aanleggen dan we voor latere perioden in de persgeschiedenis gewend zijn. De vruchten van vernieuwende initiatieven van uitgevers en redacteuren kwamen pas na 1869 voldoende tot hun recht.

Dagbladzegel

In de periode van 1848 tot de afschaffing van het dagbladzegel met ingang van 1 juli 1869 nam de animo van uitgevers om nieuwe titels te lanceren aanmerkelijk toe. De juridische persvrijheid mocht dan een feit zijn, de uitgevers zagen zich onder het juk van een fiscale druk genoodzaakt, nieuwe titels weer uit de markt te nemen, als het lezerspubliek te langzaam toestroomde. Voor het besef van het belang van de parlementaire democratie speelden de 'redenerende' kranten echter een niet te overschatten rol.

Bijzondere omstandigheden

  1. In de periode van 1813 tot de Grondwetswijziging van 1848 beconcurreerde de overheid uitgevers met een eigen officiële krant: de Nederlandsche Staats-Courant. Houders van een koffiehuis en herbergiers waren verplicht, er een abonnement op te nemen. Lezers vonden er ook binnen- en buitenlands nieuws in.
  2. De regering schrok er niet voor terug om invloed uit te oefenen op de publieke opinie door persorganen te subsidiëren.
  3. Stadsbesturen maakten de uitgave van een stedelijke courant mogelijk. Door het 'gouvernementele' karakter van deze kranten ontstond in de tweede helft van de negentiende eeuw, maar soms ook al eerder, behoefte aan concurrerende, van de stadsbesturen onafhankelijke, lokaal-regionale dagbladen. Niet altijd slaagden ze er in, een vaste positie op de geografisch en sociaal-cultureel beperkte deelmarkt te veroveren.
  4. In de periode van 1813 tot 1869 verschenen nogal wat kranten en opiniebladen slechts korte tijd. Het ontbrak vaak aan een koopkrachtig lezerspubliek dat zich een door het dagbladzegel extra dure krant of opinieblad kon veroorloven.
  5. Mede door het fiscale regiem van het dagbladzegel heeft het adverteren in de periode van 1813 tot 1850 nog geen hoge vlucht genomen. In de jaren daarna is dat pas langzaam tot ontwikkeling gekomen.

Selectievoorstel


Periode Titel Toelichting
Vanaf 1828Algemeen HandelsbladEen 'redenerende' krant met aandacht voor de publieke meningsvorming en staatkundige thema's.
1819-1820Algemeen Nederlandsch Nieuws- en AdvertentiebladVanwege de literaire kritiek en algemene nieuwswaarde; ook als advertentieblad interessant.
1814-1850Arnhemsche Courant Een 'redenerende' krant met aandacht voor de publieke meningsvorming en staatkundige thema's.
1837-1841De AvondbodeZie boven, ook vanwege het feit dat slechts ëën exemplaar van de verschenen jaargangen bewaard is gebleven en met het oog op het belang van deze titel op het gebied van kunst en cultuur. Bijkomstigheid: de krant werd door de overheid gesubsidieerd.
1814-1869Bredasche CourantVanwege het uitgesproken protestantse karakter in een overwegend katholiek gebied.
1855De Constitutioneel Spreekbuis van de conservatieven, betaald uit een geheim fonds van de regering. Geëindigd als speelbal van de politieke kameleon Iz. J. Lion.
1823-1869Drentsche CourantAls voorbeeld van een regionale krant.
1827-1829L'Éclaireur Politique Commercial et Littéraire de Maestrict/L'Éclaireur Politique. Journal de la Province de Limbourg Vanwege de bijzondere positie van Limburg en het feit dat deze krant vanaf 1827 ook extra aandacht besteedde aan publicaties uit België en Frankrijk.
1814-1869's Gravenhaagse Courant, Dagblad van 's Gravenhage, Dagblad van Zuid-Holland en 's-Gravenhage/Nieuw Dagblad van 's-GravenhageIn het regeringscentrum Den Haag verschenen kranten van verschillende politieke richtingen. Bij de genoemde titels ging invloedrijk en conservatief meestal hand in hand.
1853-1855De Grondwet Dagblad, gesteund door liberalen, onder wie ook katholieken, voor wie de Grondwet van 1848 heilig was. Hoofdredacteur was de kameleon van de negentiende-eeuwse journalistiek, Iz. J. Lion.
1814-1869Groninger CourantVanwege de betekenis voor stad en ommelanden, de letterkunde, landbouwwetenschap en connectie met de universiteit.
1830-1849Journal de la Haye Door de regering financieel gesteunde krant die in de Tweede Kamer werd getypeerd als 'een ellendig prulleblad', maar desondanks negentien jaar bleef bestaan.
1814-1869Koninglyke Staats-Courant/Koninklijke Courant/Nederlandsche Staats-CourantDe officiële krant van het Koninkrijk der Nederlanden, bevatte ook algemeen nieuws en concurreerde met andere titels. Herbergiers waren verplicht zich te abonneren en een exemplaar ter lezing aan te bieden.
1814-1869Leydse/Leijdsche CourantVanwege het 'academie'-karakter van deze krant; begon op 2 januari 1824 als eerste krant met 'Mengelingen'.
1814-1869Middelburgsche CourantVanwege de innovatieve journalistiek en het regionale belang.
1848-1855De Nederlander (1850-1855, en de conservatieve voorgangster: de Nieuwe Utrechtsche Courant vanaf 1848)Conservatieve dagbladen, eerst onder redactie van de politicus mr. F.A. van Hall en vanaf 1 juli 1850 als De Nederlander onder leiding van G. Groen van Prinsterer die als antirevolutionair de 'revolutiegeest' wilde bestrijden.
1857-1863Nieuw Amsterdamsch Handelsch- en Effectenblad/ Amsterdamsch Handels en Effecten-Blad (1864-1865)Een 'redenerende' krant met aandacht voor de publieke meningsvorming en staatkundige thema's.
1844-1869Nieuwe Rotterdamsche CourantEen 'redenerende' krant met aandacht voor de publieke meningsvorming en staatkundige thema's, berichtgeving over opkomst van de parlementaire democratie.
1814-1869Opregte Haarlemsche CourantEen krant met een bijna legendarische faam in de persgeschiedenis die ook buiten de plaats van verschijnen abonnees had.
1814-1845Overijsselsche Courant/Zwolsche CourantVoorbeeld van een in een provinciehoofdstad door een familiebedrijf uitgegeven regionale krant met een geschiedenis van ruim twee eeuwen.
1814-1867 Rotterdamsche Courant Als typische 'stadscourant' in een zich economisch en cultureel ontwikkelende stad.
1845-1869 De TijdDoor de Brabantse priester Judocus Smits opgerichte krant die de emancipatie van de katholieken als programma had.
1813-1869 Utrechtse (Provinciale en Stads-) CourantVanwege het belang van de inhoud voor de provincie en de stad Utrecht (redactioneel en qua advertenties).
1834-1848Vlissingse CourantVanwege de berichtgeving over Belgische aangelegenheden en het redacteurschap van Frederik van Sorge (1839-1843).

15 september 2007
prof. dr.J.M.H.J. Hemels

Afhankelijk van de 'Praktische aspecten' wordt een geselecteerde titel gedigitaliseerd en online beschikbaar gesteld.