Nationaalsocialistische bladen in de Tweede Wereldoorlog
Nationaalsocialistische bladen in de Tweede Wereldoorlog
Al in het interbellum verschenen er in Nederland nationaalsocialistische en fascistische bladen. De grootste en meest bekende titel is het partijblad van de Nationaal-Socialistische Beweging (NSB), Volk en Vaderland, dat vanaf begin januari 1933 als een weekblad verscheen. Na de Duitse inval in mei 1940 en de 'gelijkschakeling' van het Nederlandse perswezen die daarop volgde, groeide vanzelfsprekend het aandeel van de nazibladen in het krantenaanbod. De Duitse bezetter richtte zich in eerste instantie vooral op de bestaande, niet-nazistische bladen, vanuit de gedachte dat deze bladen op subtiele wijze konden worden benut om de rasverwante Hollanders voor het nationaalsocialisme te winnen. Naarmate de oorlog een ongunstiger verloop kende voor Duitsland, verdween het idee om de Nederlanders via de 'reguliere' bladen te bewerken. Veel bladen onder Duits toezicht verhardden hun toonzetting. De nazibladen wonnen snel terrein.
Hoe eenduidig de term 'naziblad' ook lijkt, er zijn grote onderlinge verschillen in aard, karakter en toonzetting. 'Het dodelijkste wapen uit het grote arsenaal van de As-propaganda', zo schreef het Amerikaanse blad Life op 22 maart 1943 met een mix van bewondering en afgunst over het Duitse propagandablad Signaal. Met een oplage van 2,5 miljoen exemplaren en vertalingen in maar liefst 20 talen was Signaal het meest gelezen propagandablad in de Tweede Wereldoorlog. Signaal was vooral bedoeld om de inwoners van de bezette gebieden te overtuigen van de Duitse militaire en ideologische superioriteit. Het rijk geïllustreerde magazine beschikte over een meer dan toereikend budget, verstrekt door de Duitse Wehrmacht. Signaal kon zich een uitgebreid netwerk aan correspondenten, fotografen, illustratoren, redacteuren en vertalers veroorloven. In 1944, in een tijd dat de meeste bladen zwaar te lijden hadden onder de papierschaarste, prijkte op de cover van Signaal full-colour foto's van de heldhaftige strijd aan het front.
De diversiteit aan nazibladen, die voortkwamen uit collaborerende organisaties zoals de NSB en Nationaal Front, weerspiegelt de verdeeldheid over de houding die Nederland zou moeten aannemen tegenover de Duitse bezetter . Volk en Vaderland koos - in lijn met de overtuiging van NSB-leider Anton Mussert - voor een positie waarin ons land nog een zekere zelfstandig bestaan binnen een Germaanse statenbond werd toebedeeld.De Zwarte Soldaat, het lijfblad van de Weerafdeling van de NSB, maakte zich sterk voor een zelfstandig 'Dietschland'. Storm SS, het blad van de Nederlandse SS, wenste dat Nederland zou opgaan in een groot-Germaans rijk. De Misthoorn, was een rabiaat antisemitisch blad naar het model van Der Stürmer van de befaamde Duitse radicale nationaalsocialist Julius Streicher. Met de veelzeggende ondertitel 'Onafhankelijk en onpolitiek orgaan tot wering van den Joodschen invloed', was De Misthoorn al voor de oorlog verschenen en in 1939 verboden vanwege de opruiende inhoud. In de oorlog maakte het blad een doorstart. De Misthoorn zat op dezelfde lijn als Storm SS en belandde zo al spoedig in een venijnige lasterpolemiek met De Zwarte Soldaat. Op aandringen van de NSB - dat binnen Misthoorn-kringen gold als een gematigde 'burgerkliek'- verbood de Duitse bezetter De Misthoorn in september 1942.
Strijdbladen als De Zwarte Soldaat en Storm SS waren naast propagandamedia vooral ook 'community'-kranten. Ze bevatten niet alleen ideologische verhandelingen, maar ook bijvoorbeeld advertenties voor draagbare typemachines, aankondigingen van vergaderingen en overlijdensadvertenties van gesneuvelde kameraden aan het Oostfront. Dit in tegenstelling tot meer theoretische bladen als Nieuw Nederland, De Waag en De Schouw, die hoofdzakelijk zijn samengesteld uit soms moeizaam geschreven, meer beschouwende artikelen. Daar staat weer tegenover een blad als Fotonieuws, met als ondertitel 'Spiegel der Beweging'. Fotonieuws is een geïllustreerd NSB-magazine, dat mikte op een breed publiek. De artikelen van correspondent Chris Wenniger Mulder over de strijd aan het front nabij Leningrad werden vaak buiten de Duitse censuur om in het blad geplaatst en waren alleen al hierom een bijzonderheid.
Dan zijn er ook nog nazibladen die niet zo eenvoudig te categoriseren zijn. De Gil, 'Periodiek verschijnend orgaan voor nuchter Nederland', is een satirisch Duits propagandablad, vermomd als een verzetskrant. Het blad, bedenker van de uitdrukking 'Dolle Dinsdag', kende een moderne opmaak en typografie, had een vermaarde jazzrubriek (de Gil-club) voor 'swingvrienden', zette zich opzichtig af tegen de landsverraderlijke NSB, maar bevatte tegelijkertijd, tussen de regels door, Duitse propaganda. De populariteit van De Gil lokte een eenmalige tegenreactie uit vanuit het verzet; op 1 mei 1944 verscheen een persiflage op De Gil, die naar verluidt gretig aftrek vond onder het geamuseerde volk.
Edwin Klijn, september 2010
Meer informatie:
Tweedewereldoorlog.nl / thema Collaboratie
