Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition). Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen. Naar schatting is op deze pagina 70.1% van de tekens correct.
lET LIJKT WEL of de dood WILLY CORSARI op een opmerkelijke wijze heeft achtervolgd in haar leven. Ze heeft daar zelf nooit eerder over willen ••teil, maar al heel jong werd zij geconfronteerd met een moord en dat is misschien inleiding dat zij tot vandaag de dag toe veel schrijft over mysterieuze moorden.
L^% Corsari heeft tot r 1 drieënnegentigste ge- om te onthullen dat in haar boek jNDEREN EN MINÏÏ£KS> dat deze week als SDpelroman met OUDE gSEN HEBBEN GEHEI- weer uitkomt, geïnspi- F" is door een moord die ■ als jong meisje mee■«akte.
■j& KINDEREN EN MIN- T\RS is de hoofdpersoon "^jongetje dat meemaakt * Wj telkens door affaires !? zijn moeder nieuwe ,T? krijgt en hij maakt plotte een tragedie mee: ■■} öioord. Ik vroeg me af: *• --jn de gevolgen voor 'ö kind, dat zon drama * &abij meemaakte."
deed Willy Corsari et Zomaar. „Zelf herinner •**- nog hoe ik op mijn eade jaar hoorde dat r-"> tante Corrie plotseling ***. overleden. Beetje bij |***Je vernam ik toen dat zij : -"ttioord was door een af- I *ezen minnaar die zich r* meteen van kant had ptoaakt. Hun lijken werl ? in de keuken van haar '7? gevonden. T-jn tante Corrie was ze-7 voor die tijd nogal een Tj'-zinnige vrouw en dit •* haar nu in de proble- J?n gebracht. Haar ex- zocht haar op, schoot *•*•" dood en beëindigde "een zijn eigen leven." Willy CORSARI zegt: IJf enlang bhjf je daar aan Dat maakt als kind 111 onuitwisbare indruk op t'-Je gaat je in je fantasie Jtorstellen hoe het gebeurd Uj Wat er aan vooraf ging. e vragen büjven je omrinj: 1 en ik kon mijn fantasie ■ over gebruiken in mijn J-* merk dat kinderen die iets ervaren er zelfs een *Uma van kunnen over-
4°u*ien. Ik heb die drama's L "rijn leven gelukkig kun- M* beschrijven. Niemand feleft geweten dat KINDEEN EN MINNAARS gebaad is op die gebeurtenis ,>iin jeugd, jjj "aar het vreemde is dat daarna weer hetjj^de zou meemaken toen in wiens gezel-8e f*k werkte, werd dood. door een jaloerse t>&aar' TJAKKO KUl{U^*> die daarna op het e ft>brandtplein, waar het Leurde, zichzelf doodfc I(^J vermoordde ook JENh* GELLIAMS, de minna£ van PISUISSE, op wie ° verliefd was* Een i^J1' liefdesdrama dus, iScjarbij Jenny Gilliams bede feven wei"d als de vamp, d femme fatale die de re- dit alles was. Uivaar ik weet dat dit niet g*B- Het was Pisuisse, die |T; groot vrouwenliefheb- Ij' *as, die haar verleid "*enny was een meisje $7 voor mannen een heel kT^ele uitstraling had. Ze l/t? iets aantrekkelijks. Uj j"* ze was een eenvoudig dat uit België naar w* land gevlucht was. Daar Uw *- getrouwd geweest gT1 -en kapper, bij wie zij ■^j boontje had. Hier kwam jJ oij het gezelschap van ve*_TSe' waar * ook aan <V ?nden was. Een lief e' dat niet bestand ÏV tegen de avances van V(TUsse. Zij was te zwak üw deze verleider, die zelf S*ouwd was met Fie Ca'eisen. enny en Pisuisse kregen intense verhouding. Hij een erotomaan. Hij willek* ZOU aar veroveren> Bi D m ons gezelschap meemaakt dat toen een Uit zangeres in haar holle lner wilde bezoeken, geln 'binnen' hoorde zegj *• Ik deed de deur open en bat'lag *"** met baar ™ ")edj * was heel gewoon bij **■* man.
w Jenny en hij hadden 31? speciaals. Zelf had hij el ingezien dat de problelwn gr°0t waren* ,Ik moet ' toch wat kalmer aan «aan doen,' zei hij. Maar «en was het te laat. Jenny's «-minnaar schoot hen dood n pleegde toen zelfmoord. j ledereen veroordeelde enny, maar ik was denk ik een van de weinige vrouwen, in haar omgeving die haar begrepen. Ze was geen slechte vrouw. Ze heeft ook veel verdriet gehad over deze verhouding. Telkens weer had Pisuisse haar beloofd dat hij voor haar zou scheiden van Fie Carelsen. Jenny geloofde daar heilig in. Maar op een keer kreeg zij bezoek van haar rivale Fie. Deze liet haar brieven lezen van Pisuisse, waarin deze schreef: 'Ik zal nooit van je scheiden voor Jenny. Ik kom dan ook zeker bij je terug.' Jenny was stomverbaasd toen zij dit las. Ze had al een dochter van Pisuisse gekregen en op het moment dat Fie Carelsen haar deze brief het lezen, verwachtte zij een tweede kind van Pisuisse. Maar Jenny zei mij toen: 'Van die man wil ik geen kind meer." Willy Corsari zegt: „Ze heeft toen abortus laten plegen. Ze wilde geen baby van een man die haar toch be-
'Is Lies er?' vroeg ik. 'Nee,' antwoordde hij rustig. 'Liesje is er niet. Ze is dood'
droog. Maar ik heb haar altijd gemogen. We hebben jaren samengewerkt. Ze was geen hartsvriendin van me, maar het was een goede vrouw. Ik heb haar altijd verdedigd en dat doe ik ook nu."
WILLY CORSARI wist dat JENNY, toen zij vermoord werd, behalve een dochtertje uit haar relatie met Pisuisse ook een zoontje achterliet uit haar eerste huwelijk met een Belgische kapper.
„Ik voelde toen die overeenkomst met mijzelf toen ik op mijn negende jaar had vernomen dat mijn tante Corrie bij een moord om het leven was gekomen. Ook nu speelde er net als toen een jaloerse minnaar een rol. Vaak heb ik me afgevraagd hoe dit jongetje dit zou verwerken en dat heb ik ook beschreven in mijn boek 'Kinderen en Minnaars.
Ik heb ook in het verleden geprobeerd te achterhalen wat er van Jenny's zoontje terecht was gekomen. Nu, kort geleden, werd ik opgebeld door een man van middelbare leeftijd. 'Ik ben de zoon van JENNY GILLIAMS,' zei hij. 'Ik zou u graag over mijn moeder willen spreken.' Ik begreep het. Zon gebeurtenis maakt een enorme indruk op een kind. Dat gaat niet zomaar voorbij. Een kind van negen jaar neemt veel op en zon drama in je jeugd kan je hele verdere leven beïnvloeden. Het kan een trauma worden. Het kan voor een wond zorgen die niet meer heelt.
Gelukkig had deze man alle problemen overwonnen, maar toen hij bij mij langs kwam met zijn vrouw, merkte ik wel dat de persoon van zijn moeder nog altijd een obsessie voor hem was.
Vijftig jaar na die moord heeft hij met mij uren gesproken over zijn moeder, die hij alleen als jong kind heeft meegemaakt. Hij herinnerde zich alles van haar en keer op keer vertelde hij wat een lieve vrouw zij geweest was. Hij had mij tenslotte na al die jaren opgebeld omdat hij vernomen had dat ik de enige was geweest die mijn moeder begrepen had en haar ook nooit had veroordeeld. Ik vertelde hem veel over Jenny. Ademloos heeft hij daar op die stoel zitten luisteren.
Hij had hier al die jaren op gewacht. Eindelijk kon hij ook zijn verhalen kwijt; was er iemand die net als hij zon band had gehad met zijn moeder.
Natuurlijk had hij er onder geleden dat na de moord iedereen had afgegeven op zijn moeder. Zij werd de schuldige genoemd van dit drama. Dat kan je als kind behoorlijk uit je evenwicht brengen en je gevoelsleven in de war brengen.
heeft hij zelf nog veel bereikt in het leven, maar ik ken ook gevallen van mensen die door zon drama in hun jeugd hun hele leven getekend werden."
WILLY CORSARI is zelf overeind gebleven. Het schrijven van haar boeken waarin veel moorden voorkomen, is misschien een therapie geweest al die drama's te overwinnen.
„Want," zegt ze met een glimlach, „men heeft mij wel eens gevraagd mijn autobiografie te schrijven. Dat heb ik nooit gedaan, maar als ik het zou doen, zou het boek 'Het boze oog' kunnen heten, want het lijkt wel of ik het noodlot vaak heb aangetrokken. Ik heb veel drama's meegemaakt.
Ik herinner me nog hoe ik als jong meisje dat nog op de toneelschool zat, op NIEUWJAARSDAG naar mijn vriendin LIES ging, die al een engagement had bij een gezelschap. Ik wilde haar een nieuwjaarsboek met een persoonlijk briefje brengen met mijn beste wensen. Ik belde aan bij haar huis. Haar vriend Sam Goudsmit deed open. 'Is Lies er?' vroeg ik. 'Nee,' antwoordde hij rustig. 'Liesje is er niet. Ze is dood.'
'Was je niet naar Liesje?' vroeg mijn moeder. 'Nee,' zei
„Als ik jong was geweest in deze tijd had ik waarschijnlijk een Lat-relatie gehad"
Gelukkig heeft hij zich er goed doorheen geslagen en Ik weet nog," zegt Willy Corsari, „hoe ik, toen hij de deur dicht sloeg, als in een trance naar huis terugliep.
thuis. Ze is' dood.' De avond tevoren was zij, nadat zij bij een abortus bloedvergiftiging had opgelopen, ingestort tijdens een toneelstuk waarin zij speelde. Kort daarna was zij overleden."
Willy herinnert zich ook nog een oudere vriendin die zelf een einde maakte aan haar leven. „Ze had altijd veel aanbidders gehad toen ze jong en mooi was. Nu ze ouder werd, merkte zij dat ze toch heel alleen was. Ze zag in dat mannen haar niet meer aantrekkelijk vonden. Dat bleef bij haar broeien. Ze kon daar niet meer tegen. Ze heeft zichzelf toen van kant gemaakt."
WILLY CORSARI zegt: „Het leven kan hard zijn."
Zelf heeft zij zich staande gehouden. Misschien door haar eigenzinnige persoonlijkheid, misschien om zich niet meer te binden nadat haar man, nu bijna zestig jaar geleden, op 34-jarige leeftijd aan een nierziekte overleed. „Sindsdien heb ik nooit meer samengewoond met een man," zegt ze. „Ik ben nog wel een paar keer ten huwelijk gevraagd. Eenmaal door een Noor, een andere keer door mijn Deense uitgever. De uitgever werd in de oorlog vermoord. De Noor vond ik aardig, maar trouwen, nee dat wilde ik niet.
ik bijna automatisch, 'Liesje is dood.' Mijn moeder keek me verbijsterd aan. Ik bleef er doodkalm onder, maar dat was schijn. Bt kon het gewoon niet verwerken. Maar jaren later denk ik nu nog aan die zin: 'Nee, Liesje is niet De had ook vlak voor de oorlog een joodse vriend die met me wilde trouwen. De kon met hem het land uitvluchten. Hij ging naar Cuba. Maar ik had hier mijn zoon, ik had een schoondochter die tuberculose had en een kleindochter die me nodig had. Moest ik dat opgeven voor hem? Dat kon ik niet."
Willy Corsari die in haar romans zo gevoelig schrijft over de liefde, bande die zelfde liefde uit haar eigen leven.
„Als ik jong was geweest in deze tijd had ik, denk ik, een Lat-relatie gehad. Maar ik ben niet geschikt voor het huwelijk. Daar ben ik veel te onafhankelijk voor. Ik schrijf bijvoorbeeld vaak 's nachts. Als je man dan een dagmens is, komen er problemen.
Daarbij ben ik mijn hele leven al gewend geweest mijn eigen gang te gaan. Te eten wanneer ik wil. De zou me niet kunnen aanpassen aan een ander."
Toch moet zij veel aanbidders hebben gehad. In haar gloriejaren was zij een schoonheid, een vrouw die door haar optreden in het cabaret en haar boeken een grote naam had. Ze knikt: „Er waren veel aanbidders, vaak veel jonger dan ikzelf." Een glimlach. „Maar een duurzame liefde was er niet bij. Ik wilde mijn leven daar niet voor veranderen."
Haar hele leven is zij eigenlijk erg op zichzelf gericht geweest.
„Ik heb bijvoorbeeld nooit een jeugd gehad," zegt zij. „Ik ben ook bijna niet op school geweest. Alleen op de lagere school. Daarna gingen we naar Indië en toen kwam ik op de theaterschool. Ik moest van mijn moeder een operadiva worden. Daar was ik, dacht ze, voor voorbestemd.
Als kind was er voor mij bijna alleen maar die piano, de pianolessen en de zanglessen. Dat was het enige dat ik mocht. Ik mocht nooit buitenspelen, ik had geen vriendinnen, ik mocht zelfs niet fietsen. Stel je voor, een Hollands kind dat nooit mocht fietsen!
Voor mijn moeder telde alleen die carrière, die roem en dat succes. Daar moest ik mijn leven op afstemmen."
Het eiste een enorme discipline van dit jonge meisje die zij nooit meer is kwijtgeraakt. „Maar die jeugd heb ik dus nooit meegemaakt. Toen ik mijn eerste boeken gepubliceerd had, vroeg mijn uitgever of ik ook niet een serie meisjesboeken wilde schrijven. "Meisjesboeken,' zei ik. 'Ik weet echt niet waar meisjes met elkaar over spreken, wat meisjes met elkaar doen. Ik heb nooit vriendinnen gehad, ik heb nooit met meisjes gespeeld. Met niemand."
Nu, op haar drieënnegentigste, is zij nog altijd 'een meisje alleen.
Bent u egocentrisch geworden door uw ervaringen?
„Bc denk het wel," zegt ze. Eenzaam? „Nee," zegt ze. „Als je cük der wordt zoals ik, is er ètfti grote kans op eenzaamheid als je je alleen bezig houdt met je eigen wereldje. Zon wereldje wordt dan steeds kleiner en kleiner. Veel oudere mensen komen daar niet meer uit en vereenzamen. Ik heb gelukkig jonge buren om me heen wonen met wie ik een prettig contact heb, maar daar moet je zelf wel voor openstaan. Ik heb altijd van jonge mensen om me heen gehouden."
Op haar drieënnegentigste heeft zij, hoe contrastrijk dit ook moge klinken, zelf nog steeds iets jeugdigs. Ze staat nog midden in het leven, deze vrouw, die een enorme wijsheid uitstraalt.
Toch is zij die de dood van nabij zo vaak meemaakte, zich ervan bewust dat die dood voor haar geen jaren meer op zich zal laten wachten.
„Doodgaan lijkt me interessant," zegt ze, „want er moet toch meer om ons heen zijn dan we beseffen. Einstein heeft eens geschreven, en dat was geen fantast: 'Tijd bestaat niet. Dat is een fictie van mensen. Wat wij voor werkelijkheid aanzien is heel anders. En om ons heen zijn er werelden die we niet kunnen waarnemen." WILLY CORSARI zegt: „Ik ben reuze benieuwd om daar straks achter te komen." Maar de 93-jarige hoopt dat als zij zich goed blijft voelen, zij nog even bij ons blijft! „Ik wil nog een boek schrijven en ik zou daar denk ik een tekstverwerker voor willen kopen. Dan zie je alles zo mooi voor je."
Als je op je 93ste nog zulke plannen hebt en nog zoveel energie hebt, dan zou Willy Corsari straks best de oudste schrijfster ter wereld kunnen worden, met een geest die altijd jong is gebleven.
■ Willy Corsari: „En ineens stapte daar de zoon-bij me binnen van Jenny Gillims, die met Pisuisse vermoord werd. Uren bleef hij praten over zijn moeder. Haar dood was nu, zestig jaar later, nog altijd een obsessie voor hem." Foto: Will Dekkers